Wat de EHDS betekent voor de GGZ
- Ben van Harten

- 6 dagen geleden
- 6 minuten om te lezen

Europese gegevensuitwisseling komt eraan. De vraag is niet óf je straks gegevens deelt, maar of je nog precies weet wat je deelt. En dat begint bij de structuur van je dossier.
Stel je voor dat een cliënt van je volgende zomer ziek wordt op vakantie in Portugal. Een arts in Lissabon opent haar scherm en ziet, automatisch vertaald naar het Portugees, welke medicijnen je cliënt gebruikt, waar hij allergisch voor is en wat zijn belangrijkste diagnoses zijn. Geen faxen, geen telefoontjes terug naar Nederland, geen wachten. Dat is wat de EHDS mogelijk gaat maken, en eerlijk is eerlijk: dat is een mooie belofte.
Alleen staat in datzelfde scherm misschien ook die ene diagnose die je cliënt jou ooit in vertrouwen vertelde. De diagnose waarvan hij hoopte dat niemand anders die ooit te zien zou krijgen.
Daar gaat dit stuk over. Over de belofte, en over de keerzijde waar je in de GGZ niet omheen kunt.
Wat is de EHDS, en wanneer gaat het in?
EHDS staat voor de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens, in het Engels de European Health Data Space. Het is sinds 26 maart 2025 van kracht als Verordening (EU) 2025/327, en de regels worden de komende jaren stap voor stap ingevoerd.
De grote lijn is als volgt. Vanaf 2027 legt de Europese Commissie de technische spelregels vast. Vanaf 2029 wordt het verplicht om de patiëntsamenvatting, het elektronisch recept en de verstrekking over de grens uit te wisselen, via een Europese infrastructuur die MyHealth@EU heet. Vanaf 2031 komen daar laboratoriumuitslagen, beeldvorming en ontslagbrieven bij.
Onder die tijdlijn zit één idee dat simpel klinkt maar veel vraagt. Gezondheidsgegevens moeten worden vastgelegd in een vast Europees formaat dat machines kunnen lezen, dus gestructureerd en gecodeerd, zodat het ene systeem de gegevens van het andere systeem begrijpt. Niet als een PDF'je dat je meestuurt, maar als losse, herkenbare gegevens. Daar bovenop krijgt de patiënt nieuwe rechten. Hij mag een kopie van zijn dossier downloaden, meenemen en delen met elke zorgverlener in de EU. En hij mag zien wie zijn gegevens heeft bekeken, wanneer en waarom.
Voor veel somatische zorg is dat vooral winst. In de GGZ ligt het gevoeliger.
In de GGZ deel je het kwetsbaarste dat iemand heeft
De makers van de wet zagen dat zelf ook. In de toelichting staat letterlijk dat mensen sommige delen van hun dossier wel willen delen en andere niet, en dat dit "met name relevant" is bij gevoelige onderwerpen zoals de geestelijke gezondheid. Daarom krijgt de cliënt het recht om de toegang tot specifieke onderdelen af te schermen. Niet alleen zijn dossier als geheel, maar onderdelen daarvan. Tot aan één enkele diagnose toe.
Sta daar even bij stil, want technisch is dat nogal wat.
Een cliënt mag straks zeggen: mijn allergieën en mijn medicatie mogen mee, maar dat ik in 2024 een psychose heb doorgemaakt, dat houd ik voor mezelf. Dat is een volstrekt begrijpelijke wens. En je kunt er alleen aan voldoen als jouw systeem die psychose kent als een apart, op zichzelf staand gegeven. Niet als een zinnetje dat ergens halverwege een decursus staat, tussen alle andere tekst in.
En juist daar zit het probleem. In de meeste EPD's leeft de inhoudelijke werkelijkheid in vrije tekst. In verslagen, in losse aantekeningen, in velden die in de loop van de tijd zijn volgeschreven zoals het uitkwam. Vrije tekst kun je niet half meesturen. En een diagnose die nergens apart is vastgelegd, kun je ook niet apart achterhouden. Die zit gewoon verstopt in een lap tekst die je in zijn geheel deelt, of helemaal niet.
Uitwisselbaarheid is geen knop die je later aanzet
Het is verleidelijk om de EHDS te zien als iets technisch dat je tegen de tijd dat het moet wel even regelt. Een koppeling erbij, een knop "exporteren" erop, klaar. Zo werkt het alleen niet. Of gegevens uitwisselbaar zijn, is geen functie die je aan het eind toevoegt. Het is een eigenschap van de gegevens zelf, en die moet er vanaf het allereerste begin in zitten.
Een systeem dat alles als tekstblok bewaart, kan dat blok straks best ergens naartoe sturen. Maar dan heb je geen gegevens gedeeld, je hebt een document verstuurd. De ontvanger kan het lezen zoals hij een brief leest, en daar houdt het op. Zijn systeem doet er niets mee: geen automatische medicatiecheck, geen allergiewaarschuwing, geen overzicht dat over de grens heen optelt. En je cliënt kan er geen onderdeel uit weglaten, want voor de software bestaan die losse onderdelen niet.
De EHDS vraagt precies het tegenovergestelde. Geordende gegevens, waarin elk feit zijn eigen plek heeft. Een diagnose is een diagnose, vastgelegd met een internationale code. Een medicijn is een medicijn. Een allergie is een allergie. Alleen een dossier dat zo is opgebouwd, kun je met een gerust hart delen. En alleen dan kun je je cliënt geven wat de wet hem belooft: zelf bepalen welk stukje wel en welk stukje niet de deur uit gaat.
Drie vragen die je systeem moet kunnen beantwoorden
Voordat je iets deelt, zou je software op drie vragen antwoord moeten kunnen geven. Niet over het dossier in het algemeen, maar over elk los gegeven dat erin staat.
Wat staat hier precies? Niet "een verslag", maar welke diagnose, welk medicijn, welke observatie. Apart te benoemen, niet weggestopt in een alinea.
Wie heeft bepaald dat dit naar buiten mag? Je cliënt heeft het recht om dingen af te schermen. Dat recht stelt pas iets voor als je systeem zo'n keuze ook echt vasthoudt en respecteert, ook wanneer de uitwisseling automatisch verloopt.
Wie heeft dit ingezien? De EHDS verplicht elk EPD om bij te houden wie wat heeft bekeken, en geeft de cliënt het recht om dat in te zien. Een dossier dat niet weet wie erin heeft gekeken, voldoet straks gewoon niet.
Kan je systeem deze drie vragen beantwoorden op het niveau van het losse feit? Dan ben je klaar voor de EHDS. Lukt dat niet, dan helpt geen enkele deadline je daaruit. Structuur achteraf in een ongestructureerd dossier proppen gaat niet. Dat is geen update die je nog even installeert. Het zit in de manier waarop het systeem is gebouwd.
En het stopt niet bij de behandelkamer
Naast dit zogeheten primaire gebruik kent de EHDS ook secundair gebruik: gegevens uit EPD's die onder voorwaarden beschikbaar komen voor onderzoek, beleid en innovatie. Daar hoort een opt-out bij, en de allerkleinste praktijken zijn van een deel van die verplichtingen vrijgesteld. Maar het onderliggende verhaal blijft hetzelfde. Hoe beter je gegevens op orde zijn, hoe preciezer je kunt bepalen wat je praktijk wel en niet verlaat. Wie niet goed weet wat er in zijn dossiers zit, levert straks te veel, of rommel, of allebei.
Dit is precies waarom "orde aan de bron" voor ons geen technisch stokpaardje is, maar een principe. Wat je niet hebt geordend, kun je niet met een gerust hart delen. En in de GGZ is slordig delen geen kleine misser. Het raakt aan het meest kwetsbare vertrouwen dat er is, dat van iemand die jou iets heeft verteld wat hij nog nooit aan iemand had verteld.
Geen reden voor angst, wel voor nuchterheid
Wij hebben Scrivio vanaf de eerste regel code rond gestructureerde, AI-native registratie gebouwd. Niet omdat de EHDS dat voorschreef, want die bestond toen nog niet eens in deze vorm, maar omdat een dossier waarin elk gegeven zijn eigen plek heeft nú al prettiger werkt. Minder dubbel typen, scherpere controles, en straks dus ook gegevens die de grens over kunnen zonder dat je je hoeft af te vragen wat je nou eigenlijk meestuurt. Voor ons zijn de Europese eisen geen verbouwing achteraf. Ze bevestigen waar we op gebouwd hebben.
We schrijven dit niet om de EHDS zwart te maken, want dat verdient hij niet. Goede gegevensuitwisseling kan de zorg veel opleveren, ook in de GGZ. Maar zie het wel als een toetsmoment. Een moment waarop blijkt of jouw dossier ooit echt een dossier was, of eigenlijk een stapel tekst die zich voordeed als een dossier.
Wees dus enthousiast over wat er straks kan. En wees nuchter over wat er eerst moet gebeuren. Want hoe knap de infrastructuur ook wordt en hoe ver Brussel ook reikt, dit ene blijft overeind: je kunt alleen delen wat je kent.
Veelgestelde vragen over de EHDS
Wat is de EHDS? De EHDS, voluit de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens (European Health Data Space), is een Europese verordening die regelt hoe elektronische gezondheidsgegevens worden vastgelegd, gedeeld en hergebruikt. Ze geeft patiënten meer regie over hun eigen gegevens en moet het makkelijker maken om die gegevens veilig uit te wisselen tussen zorgverleners, ook over de grens.
Wanneer gaat de EHDS in? De verordening is sinds 26 maart 2025 van kracht, maar de verplichtingen komen gefaseerd. De technische specificaties volgen rond 2027. Vanaf 2029 wordt grensoverschrijdende uitwisseling van onder meer de patiëntsamenvatting en het elektronisch recept verplicht, en vanaf 2031 komen daar laboratoriumuitslagen, beeldvorming en ontslagbrieven bij.
Geldt de EHDS ook voor mijn kleine of vrijgevestigde praktijk? Voor het uitwisselen van zorggegevens, het zogeheten primaire gebruik, geldt de EHDS breed, en je EPD moet daaraan voldoen. Voor het beschikbaar stellen van gegevens voor onderzoek, het secundaire gebruik, zijn de allerkleinste praktijken van een deel van de verplichtingen vrijgesteld. Het is dus geen reden om achterover te leunen, want de eisen aan je systeem raken ook de kleine praktijk.
Wat kan ik nu al doen? De belangrijkste vraag is niet welke knoppen je EPD straks krijgt, maar of je gegevens gestructureerd en gecodeerd worden vastgelegd. Kijk of belangrijke gegevens, zoals diagnoses en medicatie, als losse, herkenbare gegevens in je systeem staan en niet alleen als vrije tekst. Dat is de basis waar straks alles op rust, en juist dat valt niet op het laatste moment nog even bij te bouwen.



Opmerkingen