top of page

Het nieuwe ZPM, zoals wij het lezen

  • Foto van schrijver: Medewerker Scrivio
    Medewerker Scrivio
  • 11 mei
  • 11 minuten om te lezen
Veiligheid staat op een in de zorg

Wat de hervormingen van 2026 betekenen voor uw declaratie, uitgelegd door iemand die het de hele week doet

2026 is geen grote release van het Zorgprestatiemodel. Het is een knelpuntenjaar. De NZa heeft het kostprijsonderzoek deels moeten terughalen na een verloren kort geding. De transitieprestatie verdwijnt. OV0012 wordt OV0165. Er komen twee beroepen bij. De zorgvraagtypering wordt nog steeds vooral óm je hoofd heen besproken in plaats van opgelost. En zorgverzekeraars beginnen dit jaar voor het eerst zichtbaar te sturen op de combinatie zorgvraagtype × setting in de inkoop.

Ondertussen ligt er een IBO-rapport, Uit balans, dat in september 2025 concludeerde dat het hele stelsel eigenlijk niet past op de taak. En er is een kabinet-Jetten dat pas in Q4 2026 met een echte aanpak komt.

Wie dagelijks declareert merkt dat niet als "hervorming". Die merkt het aan een retourbericht met code 8013, een tarief dat -9% is, en een HoNOS+ die nog steeds op je factuur moet, ondanks drie kritische adviezen van de eigen adviescommissie.

Hieronder lezen wij het ZPM zoals het er in 2026 werkelijk bijstaat: niet hoe de folder het vertelt, maar hoe het eruitziet als je de GDS801 openklikt.


Wat er per 1 januari 2026 formeel is veranderd

De relevante documenten zijn snel opgesomd. Beleidsregel BR/REG-26134b (prestaties en tarieven ggz/fz), BR/REG-26146a (tariefopbouw), BR/REG-26126a (nhc/nic), de Regeling NR/REG-2616b van 22 oktober 2025, en de Tariefbeschikking TB/REG-26628-04 van 28 oktober 2025. Codetabel v20260401.

Wie dit leest als een signaal dat er weinig fundamenteels verandert, leest het goed. De structuur van ZPM (setting × beroep × consulttype × tijdsblok) is ongewijzigd. De tijdsblokken van 5, 15, 30, 45, 60, 75, 90 en 120 minuten blijven staan. De acht settings blijven. Het huiswerk zit in de details, en die details zijn niet klein.

Het belangrijkste verhaal van 2026 is twee-sporen-tariefbeleid. De NZa wilde dit jaar voor het eerst de tarieven voor setting 1 (vrijgevestigd, sectie II Kwaliteitsstatuut) herijken op basis van het kostprijsonderzoek. De LVVP heeft in juli 2025 bij de rechtbank Midden-Nederland een kort geding gewonnen waarin de rekenmethodiek voor GZ-psycholoog, klinisch (neuro)psycholoog en psychotherapeut onrechtmatig werd verklaard.

Gevolg: voor die drie beroepen alleen indexatie van +5,2% in 2026. Voor alle anderen in setting 1 (psychiaters, vaktherapeuten, de "overige beroepen") wél herijking op KPO. En die pakt hard uit. Psychiater diagnostiek en behandeling 45/60 min: −9% tot −10%. Overige beroepen: −20% tot meer dan −40%. Vaktherapie ambulant 60 min behandeling: −15%. Macro-gewogen daalt het landelijke niveau 5,7% vóór indexatie, ongeveer −1% na. Wie meer psychiaters dan GZ-psychologen in dienst heeft, voelt 2026 anders dan de buren.

Wat u dit jaar veel terugziet in setting 1: GZ-psycholoog diagnostiek 60 min (CO0562) €200,99. GZ-psycholoog behandeling 45 min (CO0497) €149,82. Klinisch (neuro)psycholoog behandeling 90 min €351,12. Psychotherapeut diagnostiek 5 min (CO0050) €45,89. Intercollegiaal overleg kort (OV0007) €32,50, lang (OV0008) €93,60. Schriftelijke informatieverstrekking derden (OV0018) €114,67.

Houd er rekening mee dat LVVP én Vaktherapie Nederland bezwaarschriften hebben lopen bij de NZa tegen TB/REG-26628. Correcties in de loop van 2026 zijn denkbaar. De nhc-opslag voor verduurzaming en brandveiligheid is +15% op investeringsbedragen. De jaarlijkse nhc-indexatie blijft 2,5%.


De stille grote veranderingen die niemand in een persbericht zet

Drie technische wijzigingen vergen echt aandacht van je EPD-beheer en zorgadministratie, en worden structureel onderschat in de sector.

OV0012 vervalt. OV0165 is nieuw. De prestatie "niet-basispakketzorg" ging in 2025 nog per uur, naar rato afrekenen. Per 1 januari 2026 gaat dat per 15 minuten (€36,50 per blok). En, belangrijk detail: indirecte tijd mag expliciet meetellen in de tijdsbepaling van deze prestatie. Voor 60 minuten werk schrijf je dus 4× OV0165. De logica sluit nu aan bij intercollegiaal overleg en groepsconsulten. Wie in zijn EPD "OV0012 naar rato" nog actief heeft staan, gaat of onterecht op 0582 afkeuren, of stil onder-declareren. Check dit voor je eerstvolgende batch.

De transitieprestatie is afgeschaft. Ook de prestatie "Verblijf met rechtvaardigingsgrond" (VMR) is vervallen. De transitieprestatie was de kruk waarmee je de opvang uit 2022 en nagekomen DBC-effecten kon afwikkelen. Die periode is uit. In 2025 mocht hij alleen nog met schriftelijke overeenstemming met de verzekeraar. In 2026 helemaal niet meer. Spravato (esketamine neusspray) verhuist van toeslag naar "Overige prestatie", waardoor ook zorgverleners die tijdens een verblijfsdag geen consult schrijven de toediening kunnen declareren. Klein, maar voor klinieken een reële verbetering.

De verwijsdatum staat per 1 januari 2026 verplicht op de factuur. De NZa wil wachttijden voortaan uit declaratiedata aflezen in plaats van uit het Zorgbeeldportaal. Eenvestigingsaanbieders hoeven daarom hun wachttijden niet meer maandelijks aan te leveren. Vergeet niet dat de verwijzer-AGB ook moet kloppen op die verwijsdatum. Retourcode 9519 (verwijzer-AGB op verwijsdatum niet meer geldig) is al in 2025 explosief gegroeid en wordt in 2026 een top-3 afkeurreden. Synchroniseer je AGB-bestand frequenter. Niet één keer per kwartaal. Wekelijks.

Beroepen schuiven. De orthopedagoog-generalist (OG) en de physician assistant (PA) zijn per 2026 verplaatst van "Overig beroep" naar de categorie Gezondheidszorgpsycholoog (Wet BIG artikel 3), met een hoger tariefprofiel en andere prestatiecodecombinaties. De systeemtherapeut NLQF-7 is opgenomen in Veldnorm beroepen ggz versie 1.2, zonder regiebehandelaar-BIG-registratie. En het Landelijk Kwaliteitsstatuut 4.0 is per 2026 dwingend. Wie nog met LKS 3.0 declareert, loopt tegen afkeur aan. Als je nog niet door LKS 4.0 bent, staat dat bovenaan je lijst voor deze week.


Zorgvraagtypering: de onverhuisde olifant

In elke serieuze tekst over ZPM moet de zorgvraagtypering aan bod komen. De eerlijke conclusie per april 2026: er is nog steeds geen werkend model, en de belofte dat er één komt verschuift van jaar naar jaar. Laten we het van dichtbij bekijken.

De HoNOS+ (19 vragen, opgebouwd uit de originele 12 HoNOS-items plus 7 aanvullende) blijft in 2026 het primaire instrument voor toeleiding naar één van de 20 zorgvraagtypen. Genummerd 1 tot en met 21, type 9 bestaat niet. Waarom weet alleen de NZa. Typen 1 tot 8 zijn niet-psychotisch, 10 tot 16 psychotisch, 17 tot 21 cognitief. Voor de vrijgevestigden gaat het in de praktijk bijna uitsluitend om de eerste acht. Het algoritme is gekopieerd uit het Britse Mental Health Clustering Tool, met wat Nederlandse wijzigingen in cluster 1, 4, 6 en 14.

De Adviescommissie Zorgvraagtypering, ingesteld door NZa, dNLggz, ZN, MIND (die er in 2023 uitstapte), NVvP en anderen, heeft drie adviezen uitgebracht. Advies 1 op 29 juni 2023: model onvoldoende gereed. Advies 2 op 9 februari 2024: "onthutsend onnauwkeurig beeld", clusters 3, 4 en 7 goed voor 71,4% van alle typeringen, zorgkostenvariatie binnen clusters enorm. Advies 3 op 31 januari 2025 is de genadeklap: "De HoNOS+ scorelijst als geheel schiet tekort als toeleidingsinstrument (…) De adviescommissie adviseert daarom om in een verbeterd model niet meer de HoNOS+ in huidige vorm te gebruiken." Advies: een eenvoudiger model met samengevoegde clusters voor 2026/2027, een vernieuwd model pas in 2028.

En wat gebeurt er met dat advies? Weinig zichtbaars. De NZa-reactie van 6 februari 2025 kondigt door-ontwikkeling aan, maar de samenvoeging van zorgvraagtypen is formeel uitgesteld in de 2026-regelgeving. Je vult in 2026 dus nog steeds de HoNOS+ in, kiest er nog steeds een zorgvraagtype uit de bestaande 20 bij, en vermeldt die code op element d10 van de factuur. Daarnaast staat de DSM-hoofdgroep (of gb-ggz-profiel) tot en met 2027 verplicht op de factuur. VWS heeft dat besluit op 19 december 2024 verlengd. Dubbele registratie dus, met als enige rechtvaardiging dat het ene systeem nog niet stabiel genoeg is om het andere weg te mogen halen.

Wetenschappelijk is de zaak niet beter. Van Bronswijk e.a. in Tijdschrift voor Psychiatrie, 2022: "We concluderen dat het niet wenselijk is om de zorgvraagtypering te baseren op de huidige HoNOS+." Britse data (Jacobs 2016, 1,9 miljoen clusterepisoden) laten zien dat de clusters niet homogeen zijn op kosten en zorgconsumptie. Van de 12 HoNOS-items had in één studie alleen "zelfbeschadiging" statistisch significante samenhang met zorgkosten.

Juridisch: de rechtbank Midden-Nederland oordeelde op 23 april 2025 dat de NZa in 2023 HoNOS+-data mocht opvragen. De NZa heeft de verzamelde database vervolgens op 13 februari 2025 vernietigd. Back-ups in mei en juni 2025 ook. Kamerleden Joseph, Dobbe en Westerveld hadden daar in juni 2024 een motie over aangenomen.

Wat er in 2026 wél nieuw is aan zorgvraagtypering: zorgverzekeraars gebruiken het concreet in de inkoop. Coöperatie VGZ, letterlijk: "Daarom bepalen we vanaf 2026 de hoogte van onze vergoedingen op basis van de combinatie van zorgvraagtype en setting." Zilveren Kruis: "In 2026 vergoeden wij zorgvraagtype 1 en 2 niet langer in de klinische of hoogspecialistische setting." LVVP zelf adviseert: "het ligt niet voor de hand om patiënten met zorgvraagtype hoger dan 8 in de vrije vestiging te behandelen."

Zo wordt een instrument dat door zijn eigen adviescommissie als onvoldoende gevalideerd is getypeerd, ondertussen wél de basis voor contractbeperkingen. dNLggz noemt dat in haar reactie "de dagelijkse praktijk tekort doen". Dat is nog netjes uitgedrukt.

Praktisch: vul de HoNOS+ met enige ernst in. Want wat er in de typering belandt, bepaalt straks of een dossier überhaupt vergoed wordt. Gebruik het "Volledige" model en houd de steekproef van 5% op Volledig bij als je het "Dynamische" model hanteert. Ken de privacyverklaring-regels (akkoord maart 2025 tussen ZN, NVvP, dNLggz, MeerGGZ en MIND over opt-in én opt-out-constructie voor DSM én zorgvraagtype). Als je EPD dat niet schoon regelt, komt het via retourcode 8381 of 0613 terug.


Declaratiepraktijk: wat u dit jaar écht anders moet doen

De standaard is GDS801/GDS802 versie 2.0. XML, één bestand per request. Versie 1.0 krijgt einddatum 1 januari 2027. Wie daar nog op zit moet nu door. GZ321/GZ322 is sinds 1 januari 2025 uit de lucht. Nagekomen posten van vóór 1 januari 2022 volgen een andere route. Alles 2022 en later gaat via GDS801 v2.0. FZ301/FZ303 zijn vervangen door PCL083 in GDS801, XML-spec vernieuwd op 10 maart 2026. Schadelast-standaard: GQS801/GQS802 v2.0.

De meest voorkomende afkeurcodes in GGZ-ZPM-declaraties zijn het soort codes dat je uit je hoofd moet kennen. 0016: praktijk-AGB ontbreekt of onjuist. 0559: behandelaar-AGB hoort niet bij declarerende praktijk. 0562: zorgverlener niet bevoegd voor prestatie, de klassieke beroep-setting-mismatch. 0582: prestatiecode bestaat niet (daar ga je OV0012 in februari 2026 nog tegenkomen). 0587: dubbele declaratie. 0611: tarief wijkt af van NZa-maximum of contract. 0613: niet volledig declarabel volgens polisvoorwaarden. 8010: prestatie mag volgens contract niet door deze behandelaar. 8013 en 8014: verwijzer-AGB of specialisme ontbreekt of is onjuist, top-3 afkeur in ZPM. 8020: prestatie overlapt andere prestatie. 8021: referentienummer niet uniek. 8022: geen contract met declarant. 9519: verwijzer-AGB op verwijsdatum niet meer geldig. 9544: PCL-code 999 (niet-verzekerde zorg) onterecht via VECOZO. Technisch: BRS16 (ZIP met meerdere bestanden) is de klassieker bij webservice-verzending.

Gangbare fouten die u structureel minder vaak gaat maken als u dit doet:

Draai COV (Controle Op Verzekering) maandelijks via VECOZO voor uw hele patiëntenbestand. Dat voorkomt 0016 en 0613 voordat de declaratie überhaupt de deur uit gaat.

Leg planning = realisatie expliciet vast in het kwaliteitsstatuut, mét periodieke steekproef. Bij afwijking van meer dan 15 minuten het consult aanpassen. Dit is geen luxe. Dit is een contractvoorwaarde bij elke grote verzekeraar en het eerste wat een audit opvraagt.

Factureer no-show nooit via GDS801. Er bestaat geen NZa-prestatie voor no-show. Factureer aan de patiënt rechtstreeks, tarief tussen €60 en €150 in de markt, vooraf gecommuniceerd en opgenomen in uw kwaliteitsstatuut. Wie no-show toch in de verzekeraarsstroom mikt, krijgt 0582 of 0613, en in het ergste geval een correctietraject.

Declareer groepsconsulten altijd via de regiebehandelaar (veldafspraak 2026), eenheid 15 minuten, groepsgrootte is alle aanwezigen op enig moment binnen de eenheid. Reistijd bij groepsconsult is in onderhoud maar generiek nog niet toegestaan.

Intercollegiaal overleg (OV0007/OV0008) is alleen voor setting 1 en alleen voor overleg met een externe collega over een specifieke patiënt. Niet voor MDO's binnen de eigen instelling. Niet voor overleg met de huisarts of verwijzer.

Zorgadministratie: houd de matrix beroep × setting × prestatiecode in het EPD schoon. In Nedap is dat de "MedewerkerDeskundigheidExterne"-koppeling met beroep-ZPM-type. Eén fout in die tabel zet een hele week declaraties op 0562. Houd zorgtrajectnummers consistent: één per behandeling, nieuw bij nieuwe verwijzing of na 365 dagen geen activiteit. Medebehandelaar onder zorgtrajectnummer regiebehandelaar. PCL999 (niet-verzekerde zorg) nooit via VECOZO, code 9544 gegarandeerd.

En lees het tweede retourbericht. Intramed v10.2+ haalt het automatisch op. Veel andere EPD's ook. Daarin staat vaak de concrete LCB-regel die overtreden is. De Logische Controle Beschrijving per PCL (071 voor ZPM) staat op Vektis. Wie structureel afkeur krijgt op hetzelfde type prestatie, heeft daar binnen vijf minuten antwoord.


De politiek eromheen, die u beter wél volgt

Het politieke kader van ZPM 2026 is onrustiger dan de jaren daarvoor. Het kabinet-Schoof viel op 3 juni 2025. Er was een interim met Bruijn (VVD), er kwamen verkiezingen, en per 23 februari 2026 is er een kabinet-Jetten met Sophie Hermans (VVD) op VWS. Hermans noemt het budgetplafond in het begrotingsdebat van 2 maart 2026 "een vrij bot instrument" en kondigt evaluatie aan. Concrete ggz-aanpak: Q4 2026.

Tegelijkertijd ligt er de IBO Uit balans (30 september 2025, commissie-Leijten), die in feite de conclusie trekt dat gereguleerde concurrentie niet past bij cruciale ggz-taken. Vijf hervormingsvarianten: centrale inkoop zware ggz, nationale ggz-verzekering met regionale inkoop, publieke entiteit voor de mentale gezondheidsketen, lichte ggz naar Wmo, of regionale mentale gezondheidsnetwerken als coördinatiepunt. Dobbe (SP) c.s. dienden op 5 maart 2026 moties in om varianten A en B uit te werken. Het kabinetsantwoord is doorgeschoven naar kabinet-Jetten.

Ondertussen is het Integraal Zorgakkoord uitgebreid tot het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA), ondertekend op 8 september 2025 bij Gezondheidscentrum de Rubenshoek. Het loopt tot 2028. Ondertekenaars: ActiZ, dNLggz, FMS (incl. NVvP), MIND, NFU, NVZ, Patiëntenfederatie, ZN, VWS en vele anderen. VNG onder voorbehoud. MIND ondertekende wél AZWA, nadat het in 2022 het IZA weigerde. LVVP was nooit IZA-ondertekenaar en profileert zich in 2026 met kritiek op contractinperkingen en ongecontracteerde-zorg-beperkingen.

De ggz-financiering zit op ongeveer €9,5 miljard inclusief Wlz-ggz en beschermd wonen (Actieprogramma Mentale Gezondheid, april 2025). VWS trekt extra €30 miljoen per jaar uit voor wachttijden in 2025 en 2026. De wachtlijsten zijn het drijvende politieke thema. NZa-rapportage februari 2025 telde meer dan 90.000 wachtenden, 62.598 boven Treeknorm. MIND en Radar meldden in februari 2026 meer dan 100.000 wachtlijstsituaties in 2025. Verzekeraars (Menzis, VGZ, Zilveren Kruis) eisen in 2026 plannen-van-aanpak per doelgroep bij Treeknorm-overschrijding, met meetbare KPI's. VGZ behoudt het recht op een lager zorgkostenplafond 2026 als realisatie 2025 lager uitviel. Dat is de nieuwe realiteit: budgetplafond als glijbaan, niet als vloer.

De cao ggz 2025-2026 is ondertekend met loonstijgingen van +1% per 1 juli 2025, +2,25% per 1 december 2025 en +3% per 1 juli 2026. Dat is een forse personeelskostenstijging tegen een min 1% macro-tariefbeweging. Wie die rekensom maakt, weet waar de spanning in 2026 ligt.


Wat we uit dit jaar leren

Het Zorgprestatiemodel is, op systeemniveau, robuuster dan de kritiek doet vermoeden. De structuur werkt. Setting × beroep × tijd × type is daadwerkelijk een eenvoudiger logica dan de oude DBC's. Declaraties lopen via één generieke standaard. De maandelijkse kasstroom is voor de meeste aanbieders voorspelbaarder geworden. Daar is het transitiedoel van 2022 voor een flink deel gehaald.

Wat niét is gehaald, is de belofte dat de administratieve last zou afnemen. Die is verschoven. Van DBC-afsluiting naar HoNOS+-hertypering, privacyverklaringen, planning-vs-realisatie-bewijs, LKS 4.0-updates, verwijsdatum-discipline en het permanent bijhouden van de AGB-register-koppeling. Voor vrijgevestigden komt daar in 2026 de zorgvraagtype×setting-sturing bij: een inkoopinstrument gebouwd op een typering waarvan de adviescommissie in januari 2025 schreef dat ze in huidige vorm niet geschikt is. Dat is de belangrijkste spanning die dit hele dossier draagt.

De tweede les van 2026 is dat de juridische route voor het eerst een zichtbare rol speelt in tariefzetting. De rechter corrigeerde de NZa voor drie beroepen. Bezwaren van LVVP en Vaktherapie Nederland lopen. Zorg-juridisch is dit niet langer abstract. Het zit in je omzet. Wie bestuurlijk verantwoordelijk is voor een vrijgevestigde praktijk of kleine instelling, doet er goed aan de bezwaarprocedures actief te volgen in plaats van de uitkomst van achter in de zaal af te wachten.

De derde les is dat de grote hervormingsdiscussie (IBO Uit balans, kabinet-Jetten, AZWA) pas in 2027 zichtbaar wordt in declaratieregels. 2026 is daarmee een jaar van stilstand-met-onrust. Geen fundamentele herziening, wél een opeenstapeling van kleine wijzigingen, tariefonrust, en een toenemende koppeling van zorgvraagtypering aan contract. De serieuze stelseldiscussie komt Q4 2026 op tafel, met concrete wetgevingsgevolgen vermoedelijk pas voor 2028.

Tot die tijd is het werk hetzelfde als het altijd was. De HoNOS+ zorgvuldig invullen. De codes kennen. De retourinformatie lezen. De AGB-registers bijhouden. De contracten van elke verzekeraar afzonderlijk langslopen op zorgvraagtype-exclusies. Niet omdat dat leuk is, maar omdat het de manier is waarop de ggz in 2026 zichzelf betaald krijgt.

Het nieuwe ZPM is niet nieuw. Het is het oude ZPM, met scheurtjes, indexaties, afgeschafte prestaties, een rechterlijke uitspraak die nog doorwerkt, en een zorgvraagtypering die men niet kan repareren en niet kan loslaten. Dat is geen eindbeeld. Dat is het jaar waarin we wonen.

 
 
 

Opmerkingen


bottom of page